Ziehier uitstekend nieuws voor de Belgen die werkzaam zijn in Luxemburg

Het is voor niemand een geheim. Werken in het Groothertogdom kan leiden tot een aanzienlijke besparing op fiscale en parafiscale lasten. In Luxemburg worden de inkomsten uit arbeid belast aan progressieve tarieven, het marginaal tarief bedraagt 45,78% voor de inkomsten boven de 200.000 EUR.
In België worden de loontrekkenden eveneens onderworpen aan de personenbelasting (PB) tegen  progressieve tarieven; het marginaal tarief is echter veel hoger (53% tot 54% met de aanvullende gemeentebelastingen) en is van toepassing van zodra de netto-inkomsten… 40.480,00 EUR overschrijden.

Ter illustratie, wanneer het inkomen van de Belgische verblijfhouder die werkt in Luxemburg 58.000 EUR bedraagt, zal de Luxemburgse belasting slechts 13.081 EUR of 5.113 EUR bedragen, in functie van bepaalde
factoren (familiale situatie, percentage van de beroepsinkomsten van het gezin dat belastbaar is in  Luxemburg…). Bovendien bedragen de socialezekerheidsbijdragen (werkgever en werknemer) in het Groothertogdom ongeveer 25%. Dit vormt een schril contrast met de parafiscale druk die in België weegt op de loontrekkenden (bijdragen van de loontrekkende 13%; bijdragen van de werkgever ongeveer 32%).

Opdat het salaris van een Belgische verblijfhouder belastbaar zou zijn in Luxemburg en vrijgesteld wordt in de PB in België op basis van de Belgisch-Luxemburgse overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting, moet de loondienst in het bijzonder worden uitgeoefend in Luxemburg.
Concreet betekent dit dat de Belgische loontrekkende fysiek aanwezig moet zijn in Luxemburg om er zijn loondienst uit te oefenen. Welnu, het is vaak daar dat het schoentje knelt. Veel Belgische verblijfhouders die willen ontsnappen aan de Belgische fiscale hel, zijn inderdaad niet altijd in de mogelijkheid om aan de fiscus de bewijsstukken voor te leggen die hun regelmatige fysieke aanwezigheid in Luxembur aantonen (reisdocumenten op naam, verkeersboetes, aankoopfacturen, van brandstof, facturen van hotelkosten, lijsten van aanwezigheden op vergaderingen, facturen van kredietkaarten die de aankoop van voeding en goederen aantonen, reisopdrachten,...). Om ongemakken met de Belgische fiscus te vermijden moeten de ongeveer 40.000 Belgische verblijfhouders, die loontrekkenden zijn van Luxemburgse vennootschappen, het spel dus correct spelen en hun activiteit fysiek uitoefenen op het grondgebied van het Groothertogdom.

De Belgische belastingadministratie verstuurt vragen om inlichtingen naar de Belgische verblijfhouders die de vrijstelling van de PB vragen op hun salaris, verkregen uit Luxemburg, om de documenten te bekomen
die de uitoefening van hun loondienst in Luxemburg aantonen. Er zijn stemmen opgegaan die kritiek hebben geuit op een vermeende overdreven ijver van de Belgische fiscus. De Luxemburgse eerste Minister Xavier
Bettel heeft zich er in een verklaring van november 2014 dan ook niet van weerhouden om de Belgische fiscale overheden op te roepen om “een einde te stellen aan de heksenjacht op grensarbeiders die hier komen werken. We hebben de indruk dat ze allemaal hun restaurantbonnen van de laatste drie jaar, alle bewijzen dat ze in Luxemburg zijn gebleven, enz. moeten bijhouden”.
 
Deze duidelijke verklaring heeft de zaken in gang gezet. In 2015, hebben de Belgische en Luxemburgse ministers van Financiën zodoende een akkoord afgesloten waarbij een tolerantie werd ingevoerd: de “24 dagen” -regel, op basis waarvan een Belgische verblijfhouder die in loondienst werkt in Luxemburg en die gedurende een belastbaar tijdperk fysiek aanwezig is in België of in een derde Staat om er te gaan werken voor een of meerdere dagen die de 24 dagen niet overschrijden zal voor het volledige belastbare tijdperk
in Luxemburg belastbaar blijven. Medio mei 2019, werd een nieuw principe-akkoord afgesloten om deze tolerantiedrempel te brengen op 48 dagen. Wanneer Belgische natuurlijke personen bijgevolg hun werkzaamheden sporadisch uitvoeren in België of in een derde Staat moeten zij er niet meer voor vrezen om
in België belast te worden op een gedeelte van hun salaris wanneer hun aanwezigheid buiten het grondgebied van Luxemburg niet meer dan 48 dagen bedraagt.

Dit akkoord zal vele Belgische grensarbeiders  ertoe aanzetten om hun aantal dagen telewerken te verhogen. Ook de Luxemburgse werkgevers zullen er ongetwijfeld gelukkig mee zijn omdat ze voortaan aan hun Belgische werknemers nog meer zullen kunnen vragen om opdrachten uit te voeren in het buitenland zonder dat zij moeten vrezen voor een terugslag van de Belgische fiscus... ■

Denis-Emmanuel Philippe
Advocaat-vennoot (Bloom Law)
Docent Universiteit van Luik