Waarschuwing aan kandidaten voor fiscale vlucht

Door de toenemende fiscale druk op inkomsten uit vermogen denken heel wat vermogende Belgische particulieren eraan om hun woonplaats te verplaatsen naar fiscaal gunstigere oorden. Ze hebben keuze genoeg.
Monaco is erg populair. Volgens een enquête van De Tijd zou het aantal Belgische zakenmensen dat zich in Monaco vestigde op drie jaar tijd zijn verdubbeld. De inwoners van het prinsdom worden in principe niet onderworpen aan inkomstenbelastingen of successierechten (in rechte lijn en tussen echtgenoten).

Belgen worden ook aangetrokken door andere Staten die er alles aan doen om rijke particulieren aan te trekken (High Net Worth Individuals). Zo voorziet het VK met zijn resident non domiciled regime een belasting op territoriale basis: de belasting wordt alleen geheven op inkomsten van Britse herkomst. Inkomsten vergaard buiten het VK worden enkel belast in zoverre ze worden gerepatrieerd (remittance basis). Portugal (regime van non habitual resident) of Italië dat onlangs een forfaitaire belasting van 100.000 euro invoerde voor inkomsten van buitenlandse herkomst, zijn eveneens populair.

Dan is er nog Zwitserland dat met zijn "imposition suivant la dépense" (fiscaal forfait, Pauschalbesteuerung) berucht is geworden door de verhuizing van Alexandre Van Damme. De basisidee hierbij is dat de belastbare basis forfaitair wordt bepaald op grond van de levenskost van de belastingplichtige en niet op basis van zijn wereldwijde inkomen. De belastingplichtige wordt bijgevolg niet belast op zijn inkomsten, maar enkel op het deel ervan dat hij uitgeeft. Zijn levensstijl is hierbij uiteraard doorslaggevend, aangezien er rekening zal worden gehouden met alle uitgaven in Zwitserland en daarbuiten - alles van kosten voor huispersoneel tot hobby's.

In de praktijk wordt vaak een ruling afgesloten met de Zwitserse belastingautoriteiten om de belastbare basis vast te stellen. Om te lage forfaits te vermijden heeft de Zwitserse federale wetgever echter een ondergrens vastgesteld: de minimale belastbare basis bedraagt zeven keer de huurwaarde van het huis waarin de belastingplichtige woont (met een minimum van 400.000 Zwitserse frank).

Het bedrag van de als dusdanig bepaalde uitgaven dient als berekeningsbasis, tenzij de schaduwberekening (règles relatives au calcul de contrôle) geen hogere belasting meebrengt. In deze schaduwberekening worden bepaalde inkomstenbestanddelen geglobaliseerd : (i) inkomsten uit een Zwitserse bron en (ii) inkomsten uit een buitenlandse bron waarvoor de belastingplichtige een beroep doet op een vermindering voorzien in een dubbelbelastingverdrag dat door Zwitserland is afgesloten.

Kandidaten voor fiscale vlucht moeten echter rekening houden met een aantal belangrijke aspecten.
Ze moeten eerst en vooral begrijpen dat een delokalisering heel wat voeten in de aarde heeft. De verplaatsing van de fiscale domicilie moet effectief zijn. Men moet eigenlijk met zijn tandenborstel en zijn pantoffels verhuizen. Om te vermijden dat de Belgische fiscus de hoedanigheid van niet-inwoner gaat betwisten, moet men zijn hoofdverblijfplaats en de zetel van zijn fortuin in het gastland vestigen. Het komt erop neer dat men de banden met België zoveel mogelijk moet verbreken. Daar knelt het schoentje regelmatig. Naar mijn ervaring neemt het enthousiasme van kandidaten voor fiscale vlucht snel af wanneer ze zich bewust worden van de concrete implicaties van de verplaatsing van hun fiscale woonplaats en beginnen ze te twijfelen aan hun capaciteit om hun leven over een andere boeg te gooien en de sociale banden met België te verbreken.

Als het gastland (de nieuwe woonstaat) de inkomsten uit vermogen niet of nauwelijks belast, geldt dat overigens niet noodzakelijk voor de landen waar de bezittingen zich bevinden (bronstaat). Stel dat meneer Janssens zijn fiscale woonplaats naar Zwitserland verplaatst, waar hij profiteert van de forfaitregeling. Hij heeft echter nog aandelen in een Belgische vennootschap. De dividenden van Belgische oorsprong worden in principe onderworpen aan een roerende voorheffing van 30 %. Het Belgisch-Zwitserse dubbelbelastingverdrag (DBV) voorziet effectief een verlaagd tarief van bronheffing van 15 % op dividenden. De voordelen van het DBV zijn echter ondergeschikt aan de belastbaarheid in Zwitserland (volgens het gewone Zwitsers belastingregime) van de inkomsten van Belgische oorsprong. Om van het verlaagd tarief van 15 % (in België) te profiteren zal meneer Janssens het dividend in Zwitserland moeten aangeven (dat wordt mee opgenomen in de schaduwberekening). In een aantal gevallen zou het dividend onderworpen kunnen worden aan een zware belasting in Zwitserland, zodat meneer Janssens er mogelijks belang bij heeft om af te zien van het voordeel van het DBV en zijn dividenden in België te laten belasten tegen 30 %.

Men moet er zich voor hoeden om te gaan denken dat een delokalisering rijken toelaat om (bijna) geen belastingen meer te betalen.