De “nationale” intrestaftrek

25/02/2016 | Fiscaal | Michel Maus
Er rommelt wat in de Belgische fiscaliteit, zo veel is zeker. Van de drie bijzondere fiscale gunstregimes die ons land heeft ingevoerd om buitenlandse investeringen van multinationals aan trekken, met name de excess profit rulings, de notionele interestaftrek en de aftrek voor octrooi-inkomsten, liggen er twee onder internationaal vuur. De excess profit rulings zijn op het veto gebotst van de Europese Commissie en de USA voert de druk op ons land om de notionele interestaftrek af te schaffen. Een minister van financiën zou voor minder in zijn haar krabben.
Nochtans is de internationale kritiek op onze fiscale gunstregimes niet zo verassend. Na 9/11 heeft de internationale gemeenschap immers vrij succesvol de strijd aangebonden met de klassieke belastingparadijzen met als resultaat dat bankgegevens vanaf 2017 op mondiale schaal zullen worden uitgewisseld voor fiscale doeleinden. Na de klassieke belastingparadijzen is het nu de beurt aan de fiscale oases en komt ook ons land in het internationale vizier. En wie de intellectuele eerlijkheid heeft om zijn fiscaal chauvinistische bril af te zetten kan niet anders dan toegeven dat de internationale kritiek op de Belgische fiscale gunstregimes toch wel ergens gegrond is.
 
Neem nu het systeem van de notionele interestaftrek. Dit systeem laat internationale ondernemingen toe om het groepskapitaal te centraliseren binnen een Belgische financieringsvennootschap en dit kapitaal vervolgens terug te ontlenen aan de ondernemingen van dezelfde groep. De interest die op deze lening moet worden betaald wordt in België fiscaal geneutraliseerd door de notionele interestaftrek. Voor velen is dit een mooi systeem maar men vergeet erbij te vertellen dat de notionele interestaftrek binnen eenzelfde multinationale groep op die manier aanleiding geeft tot kunstmatige winstverschuivingen vanuit het buitenland naar België.  Met andere woorden de intresten die op de Belgische leningen worden betaald zijn in het buitenland aftrekbare kosten maar worden in België niet belast door de notionele intrestaftrek. Is het dan zo vreemd dat de USA not amused is, en de druk op de Belgische regering opvoert om met dit systeem komaf te maken?
 
Hetzelfde geldt overigens ook voor het systeem van de excess profit rulings. In dit systeem kunnen multinationals met de Belgische fiscus rulings afsluiten waarbij een deel van de Belgische winst wordt vrijgesteld omwille van de schaalvoordelen van te behoren tot een internationale groep. De bedoeling is natuurlijk dat de in België vrijgestelde winst dan in het buitenland zou worden belast, maar dat is uiteraard niet het geval.  Is het dan zo vreemd dat de Europese Commissie deze vorm van fiscale begunstiging als verboden staatssteun gaat bestempelen?
 
De Belgische regering moet beseffen dat het tijdperk van dergelijke gratuite belastingregimes voorbij is. Het is dan ook bijzonder jammer dat er voorlopig binnen de regering geen consensus kan worden gevonden om werk te maken van een grondige hervorming van de vennootschapsbelasting, zoals door de minister van Financiën, Johan Van Overtveldt (N-VA), wordt voorgesteld. Ons land mist hier zo de kans om een internationale voorsprong te nemen.
 
Het kan nu eenmaal niet worden ontkend dat allerlei lobby’s hebben gezorgd voor een vrij complex fiscaal systeem waarbij enerzijds een zeer hoog belastingtarief wordt gehanteerd, maar anderzijds de belastbare grondslag via allerlei aftrekmechanismen substantieel kan worden verminderd, althans voor de vennootschappen die van deze aftrekken gebruik kunnen maken. En het is nu eenmaal een feit dat de excess profit rulings, de notionele interestaftrek en de aftrek voor octrooi-inkomsten grotendeels ten goede komen van grote ondernemingen en niet van de KMO’s. Het gevolg is natuurlijk dat de belastingdruk vrij ongelijk is verdeeld tussen kleine, middelgrote en grote multinationale ondernemingen. Het gevoel fiscale onrechtvaardigheid dat hierdoor ontstaat is een voedingsbodem van fiscale frustratie en dat wakkert het anti-fiscaal gedrag enkel maar aan. Nochtans zou de overheid meer dan wie ook moeten beseffen dat een rechtvaardig en neutraal fiscaal systeem garant staat voor het vertrouwen in de overheid. Nu de internationale kritiek ten aanzien van het Belgische fiscaal systeem enkel maar aanzwengelt is het hoog tijd om vooruit te denken en een fiscale hervorming in gang te zetten.
 
Een modern fiscaal systeem moet gelijke kansen bieden aan wie wil ondernemen en wie wil investeren in onze economie en aan wie werkgelegenheid wil creëren. Dit kan in wezen enkel maar door de bestaande fiscale gunstregimes grondig te saneren en het tarief van de vennootschapsbelasting drastisch te verlagen. Kijk naar Ierland waar men het nominaal tarief van de vennootschapsbelasting in 2003 zelf tot 12,5% heeft laten zakken. Fiscale gunstregimes moeten ook mogelijk blijven, voor zover deze worden gekoppeld aan de expliciete voorwaarde om te investeren, te innoveren en werkgelegenheid te creëren. De tijd is voorbij dat ons land buitenlandse bedrijven kan aantrekken met een gratuit fiscaal klimaat. Het komt er nu op aan om werk te maken van een fiscaliteit die een gezond en innovatief investeringsklimaat ondersteunt. Dat is een wereld van verschil.