Niets zo leuk als een crisis

24/10/2015 | Fiscaal | Michel Maus
In de nacht van 9 op 10 oktober verscheen witte rook uit de Wetstraat 16. De regering had een akkoord over de taxshift. Historisch nieuws. In de eerste nieuwsbulletins liet de immer minzame VRT-reporter Marc Van de Looverbosch weten dat de regering had beslist de vennootschapsbelasting te verlagen van 33 procent naar 25 procent. Menig bedrijfsleider heeft zich toen ongetwijfeld in zijn koffie verslikt.
Maar helaas, het bleek een slip of the tongue na een slapeloos nachtje. Niet de vennootschapsbelasting, maar de werkgeversbijdrage gaat van 33 naar 25 procent. Wie had gehoopt dat de regering ook met gezond verstand had beslist de vennootschappen een fikse fiscale duw in de rug te geven was eraan voor de moeite. Opnieuw een gemiste kans.

Ook na de taxshift worden de Belgische vennootschappen verder belast tegen 33,99 procent. Dat is een vrij hoog tarief. Het zal dan ook niet verwonderen dat we met dat tarief erg slecht scoren in de internationale rankings. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft ons land het derde hoogste tarief in de vennootschapsbelasting, na de Verenigde Staten (35%) en Frankrijk (34,4%). Ter vergelijking: in Duitsland, Luxemburg en Nederland bedraagt het tarief respectievelijk 15,8, 22,5 en 25 procent. Markante verschillen dus.

Maar het moet gezegd: het tarief is niet alles. België heeft ook redelijk wat fiscale gunstregimes die vennootschappen de mogelijkheid bieden hun belastbare winst substantieel te herleiden. Een hoog tarief op een beperkt belastbare winst, dat scheelt natuurlijk. Maar het is een open deur intrappen als we stellen dat de belangrijkste fiscale gunstregimes nu eenmaal op het lijf zijn geschreven van de multinationals en niet op dat van de Belgische kmo's. Een globale tariefverlaging die ook ten goede komt van de kmo's was wenselijk geweest.

Een fiscale geste tegenover de Belgische kmo's had perfect gekund, al was het maar door de 'aanvullende crisisbijdrage' te schrappen. Die bijdrage is een 'tijdelijke' verhoging van de vennootschapsbelasting met 3 procent. Het tarief van de vennootschapsbelasting is dus het basistarief van 33 procent verhoogd met 0,99 procent aanvullende crisisbijdrage. Die heffing is intussen zo ingeburgerd dat niemand zich nog er vragen bij stelt, en dat is compleet ten onrechte.

De aanvullende crisisbijdrage werd ingevoerd in 1993 en was bedoeld als tijdelijke budgettaire maatregel om het hoofd te bieden aan de economische crisis waarin ons land was beland. De heffing was van toepassing op alle inkomstenbelastingen. Het vreemde is dat deze vorm van crisisbelasting al in 2000 werd afgeschaft in de personenbelasting. Met andere woorden: het is voor de overheid nog altijd crisis voor de vennootschappen, maar niet meer voor de particulieren.

Het zijn vreemde kronkels, die meteen ook de juridische grondslag van de aanvullende crisisbijdrage ter discussie stellen. Is er geen sprake van een verdoken vorm van discriminatie door de aanvullende crisisbelasting eerst op te leggen aan alle belastingplichtigen in de inkomstenbelastingen, maar die heffing nadien enkel af te schaffen voor de natuurlijke personen en niet voor de rechtspersonen? Mij lijkt dat een probleem, en het is wachten tot de eerste fiscale martelaar de strijd aanbindt met de fiscus.

En dat is nu net niet nodig. Wie de fiscale ontvangsten van de overheid bekijkt, zal vaststellen dat ondanks het hoge tarief van de vennootschapsbelasting de inkomsten van die belasting aan de magere kant zijn. In 2014 was ze slechts goed voor 1,72 miljard euro. Het afschaffen van de aanvullende crisisbelasting kost de begroting aldus slechts 50 miljoen euro, net evenveel als de opbrengst van de fameuze suikertaks. Het verdubbelen of verdriedubbelen van het belachelijke tarief van de suikertaks van 1 eurocent per blikje frisdrank en de aanvullende crisisbelasting kon worden afgevoerd.

Dat men die stap bij de taxshift niet heeft willen zetten, is onbegrijpelijk en een kaakslag voor de Belgische kmo's. Martin De Jonghe zong in 1982: 'There's nothing that so nice is but crisis.' We zouden bijna durven te geloven dat dat zo is voor de regering.

Deze blog werd gepubliceerd in De Tijd