Voor onze fiscale zonden, vergeef ons Heer

04/02/2015 | Michel Maus
Eerder deze week raakte bekend dat de fiscus een uniforme regeling heeft uitgewerkt om berouwvolle belastingzondaars toe te laten hun licht- of donkerzwart vermogen te regulariseren. Op zich is dat wel verwonderlijk. Tot en met 2013 bestond er immers een wettelijke fiscale amnestieregeling en had de regering toen niet gezegd dat dit de laatste kans was voor fiscale zondaars om hun zonden af te kopen? Dat is zeker het geval, maar het was vrij naïef om te denken dat met het beëindigen van de wettelijke fiscale amnestieregeling er geen vraag meer zou zijn naar de mogelijkheid tot fiscale regularisatie. Natuurlijk zijn er nog steeds heel wat landgenoten die de stap naar de regularisatie niet hebben gezet en nu alsnog bij de fiscus komen aankloppen. En langzamerhand kunnen we zelfs opnieuw gaan spreken van een echte tendens.
En daar is een verklaring voor die we vooral moeten zoeken in een gewijzigde internationale mentaliteit op het vlak van belastingheffing. De afgelopen jaren is er immers binnen de internationale gemeenschap een sterke consensus ontstaan over automatische uitwisseling van bankgegevens met het oog op belastingheffing. En aangezien ondertussen ook landen zoals Luxemburg en Zwitserland te kennen hebben gegeven vanaf 2015 te willen meewerken met deze gegevensuitwisseling is het net zich langzaam maar zeker aan het sluiten. En dat hebben de zwart- en grijsspaarders ondertussen ook geweten. Onder internationale druk zijn Zwitserse en Luxemburgse banken een soort van offensief begonnen tegen het eigen cliënteel. Hierbij worden cliënten verzocht ofwel om de herkomst van hun kapitaal te verantwoorden, dan wel om een verklaring te ondertekenen waarbij ze machtiging geven aan de bank om hun bankgegevens aan buitenlandse belastingadministraties mee te delen. Indien op dit verzoek niet wordt ingegaan dan krijgen de klanten vriendelijk maar kordaat het verzoek andere oorden op te zoeken.
 
En ook dan is de lijdensweg van de fiscale zondaars niet ten einde. Wie er zou aan denken om zijn centen dan maar terug naar België te repatriëren zal snel van een kale reis thuis komen. De verstrengde witwasverplichtingen van de banken zorgt er immers voor dat de zwartspaarder dan met een nieuwe fiscale controleur wordt geconfronteerd, met name zijn eigen Belgische bankier. Wie met zwart of grijs kapitaal komt aankloppen bij een Belgische bank zal dat ondertussen geweten hebben. Wie de rechtmatige herkomst van zijn kapitaal niet kan verantwoorden komt in het beste geval bij de bank niet binnen, en maakt in het slechte geval het voorwerp uit van een witwasmelding van de bank aan de witwascel. De repatriëring van niet geregulariseerde of gedeeltelijke geregulariseerde kapitalen vormt aldus een ernstig juridisch risico voor de zwartspaarder.
 
De enige manier om aan deze catch 22 te ontsnappen is opnieuw de stap naar regularisatie zetten. Hier stelt zich dan het probleem dat dat er thans geen enkel wettelijk juridisch kader meer is om dit te doen. Het enige wat de zwartspaarder nu kan doen is contact nemen met de fiscus en onderhandelingen opstarten. Tot deze week bleek dit een echte loterij te zijn. Wie wou regulariseren wist wel waaraan hij begon maar weet geenszins waar hij ging eindigen. Bij gebrek aan wetgeving en  bij gebrek aan een gecoördineerd beleid was het momenteel willekeur troef en kon men zelfs gaan shoppen en op zoek gaan naar de goedkoopste regio om te regulariseren. En dat was uiteraard een kwalijke zaak. De overheid moet zijn burgers rechtvaardig behandelen, zelfs al gaat het om mensen die bepaalde fiscale zonden op hun actief hebben.
 
Maar wat bleek deze week, de fiscus heeft het licht gezien. Niet zonder enige trots kwam Minister van Overtveldt deze week verkondigen dat de fiscus uniforme richtlijnen heeft uitgevaardigd om fiscale regularisatiedossiers af te handelen. Op zich goed nieuws ware het niet dat deze richtlijnen niet bekend zullen worden gemaakt. Ondanks deze richtlijnen zal de burger aldus totaal geen idee hebben of hij bij zijn fiscale regularisatie nu correct wordt behandeld door de fiscus of niet. Enige transparantie was blijkbaar weer te veel gevraagd. En tot slot nog dit, fiscale “regularisatie” heet nu fiscale “rechtzetting”. Dat is bij deze dan ook rechtgezet.