Ex premier Yves Leterme v/ opiniemaker Ivan Van de Cloot. The aftermath.

13/08/2013 | Fiscaal | Michel Maus
Maandagavond kregen ex-premier Yves Leterme en opiniermaker Ivan Van de Cloot de kans om met elkaar in debat te gaan in het VRT programma Ter zake. Rechtstreekse aanleiding voor het debat was een bijwijlen emotioneel artikel over Dexia in het weekblad Knack. In dit interview liet Ivan Van de Cloot voor de elvendertigste keer zijn kritisch licht schijnen op het Dexia dossier. De grootste kritiek van Ivan Van de Cloot is eigenlijk dat zowel de politiek als de pers de ernst van het Dexia dossier bewust of onbewust niet willen inzien en daardoor de harde financiële realiteit voor de bevolking verbloemen. In het artikel stelde Ivan Van de Cloot en passant ook dat hij omwille van zijn Dexia-kritiek vanuit politieke hoek wordt geïntimeerd. Met deze achtergrond beloofde een debat over de economie, Europa en Dexia tussen een van de belangrijkste politieke hoofdrolspelers en een van de belangrijkste kritische economen wel voor wat vuurwerk te zorgen.
Het debat was bij momenten bijzonder interessant al was het maar om te zien welke truuken een politiek raspaard gebruikt in een poging om relevante economische kritieken te weerleggen. Wie echter de moeite deed om doorheen het handig politiek gemanoeuvreer te kijken, kon eigenlijk opnieuw enkel maar met lede ogen vaststellen welke gigantische opdrachten de huidige en de komende generaties nog te wachten staan en voor welke gigantische put onze vrienden bij Dexia hebben gezorgd.

Blijkbaar was het debat toch niet voldoende om de pers nog eens goed wakker te schudden. In de persberichten over de Ter Zake uitzending werd immers enkel aandacht besteed aan de verklaring van ex premier Leterme dat hij geen kandidaat zal zijn bij de moeder aller verkiezingen in 2014. In de media wordt de lijstvorming van een politieke partij met andere woorden prioritair gesteld boven een van de belangrijkste financieel-economische problemen van ons land. Soit, het zij zo. Het is dan ook bijzonder jammer dat er in de pers niet verder werd doorgegaan op een aantal prangende vragen waar tot op heden geen antwoord is gekomen.

Wat het economisch beleid betreft viel onmiddellijk op dat de politicus een goodnews wou brengen door te stellen dat Belgie ondanks haar begrotingsschuld er in de crisisjaren al bij goed in is geslaagd om het inkomen van de bevolking en de sociale zekerheid veilig te stellen. Indien men niet verder wil kijken dan zijn neus lang is, dan kan men dit misschien concluderen maar dat is uiteraard pure struisvogelstrategie. Feit is dat de babyboomgeneratie ervoor heeft gezorgd dat de staatsschuld enorm is gestegen, dat de vergrijzingsproblematiek onoverzienbaar is geworden en dat het fiscaal systeem,  de arbeidsmarkt en competitiviteit problematisch zijn. Deze problemen hadden reeds jaren geleden moeten worden aangepakt met een duidelijke lange termijnvisie. Dit is echter niet gebeurd,  allicht om politiek electorale redenen, met als gevolg dat de hete aardappelen naar de volgende generaties wordt doorgeschoven.

Wat het dossier Dexia betreft kon opnieuw maar worden vastgesteld dat de politiek kosten noch moeite bespaart om de ware toedracht van het dossier af te dekken. Dat een ex premier niet wou komen getuigen voor een parlementaire commissie omdat dit een “partijpolitiek” orgaan is, is uiteraard vrij bedenkelijk, maar tot daar aan toe. Veel relevanter waren de vragen over de aansprakelijkheids- en de waarborgregeling in het Dexia-dossier. Het is en blijft een feit dat men de Dexia-factuur onmiddellijk naar de Belgische belastingbetaler heeft doorgeschoven zonder vooreerst een aantal rechtstreeks betrokkenen te laten delen in het verlies en zonder te onderzoeken waar de aansprakelijkheden in dit dossier liggen. Ook op deze cruciale vragen is er nog steeds geen antwoord gekomen, maar niemand die zich daar blijkbaar zorgen in lijkt te maken.

Tot slot werd aan het einde van het debat ook nog ingegaan op de intimidatiepogingen ten aanzien van elkeen die vanaan de zijlijn gefundeerde kritieken geeft op het beleid. Indien daadwerkelijk een minister in functie openlijk ACW-criticasters heeft bedreigt, dan is het inderdaad aan aanwezigen en aan de pers om daar openheid in te brengen, maar ook dat blijkt niet te gebeuren en wordt bijna als normaal beschouwd. Ook onze ex premier had hier duidelijk mogen te kennen geven dat dergelijke vormen van politieke intimidatie sterk de grenzen van het politieke fatsoen sterk overschrijden. Het feit dat dit niet is gebeurd is uiteraard ook veelzeggend.

Het debat Leterme v/ Van de Cloot laat dan ook bittere nasmaak na. Voor de zoveelste keer werd duidelijk dat politieke standpunten electoraal zijn geïnspireerd en vaak niet to the point zijn, zelfs al gaat het om het welzijn van de komende generaties. Indien men dan ook op elke relevante kritiek vanop de zijlijn vijandig reageert alsof men door een wesp is gestoken, dan dient de pers zijn rol te spelen. Zoals Winston Churchill het zo treffend heeft verwoord, “een politicus denkt aan de volgende verkiezing, een staatsman aan de toekomst.” En beste lezers, in een land geregeerd door politici is dat een bijzonder jammere vaststelling.