2015 het jaar van de fiscale waarheid

15/12/2014 | Fiscaal | Michel Maus
Het jaar 2014 is een jaar dat fiscalisten niet rap zullen vergeten. Los van de fiscale uitvoering van de zesde staatshervorming en de discussies over onder andere het fiscaal statuut van bedrijfswagens en de belasting op huurinkomsten, zijn er twee zaken die er echt zijn uitgesprongen. Vooreerst was er de discussie over de fameuze tax shift waarbij de belastingdruk op arbeid moet worden verschoven naar vermogen, consumptie en ecologie. Dit was een centraal thema in de ‘Moeder aller verkiezingen’ en blijft tot op heden de politieke debatten verhitten. Daarnaast was er het Luxleaks-schandaal waar onderzoeksjournalisten haarscherp hebben aangetoond hoe vermogende particulieren en multinationals de fiscale spelregels naar hun hand kunnen zetten en hun belastingdruk tot vaak belachelijk lage niveau’s kunnen herleiden.
Op zich is dat allemaal niet nieuws onder de zon. Dat de belastingdruk op arbeid in ons land krankzinnig hoog is, en dat de overheden wereldwijd allerlei vaak absurde gunstregimes hebben geïnstalleerd om vermogende particulieren en multinationals aan te trekken is geen wereldschokkend nieuws. Wat wel nieuw is, is het stijgende publieke protest. Onder invloed van allerlei media-berichten is ook het grote publiek er uiteindelijk van overtuigd geraakt dat de huidige fiscale regels tot bizarre scheeftrekkingen leiden. Het publieke protest is zo langzamerhand aan het uitgroeien tot een sociaal verzet tegen een fundamentele fiscale onrechtvaardigheid. En deze stijgende fiscale frustratie zou men politiek beter niet negeren. Niccolo Machiavelli en Adam Smith hadden reeds in de 16de en 17de eeuw door dat de legitimiteit van een regering in belangrijke mate wordt bepaald door de wijze waarop zij met belastingen omgaat. Indien een regering de heilige fiscale principes van duidelijkheid, gelijkheid, draagkracht en herverdeling niet respecteert, dan dreigt zij het publieke vertrouwen te verliezen.
 
De politiek moet zo stilaan beseffen dat onze fiscale systemen niet meer van deze tijd zijn en niet meer zijn aangepast aan de socio-economische evoluties. Het is vaak verbijsterend om te zien hoe moeilijk de huidige fiscaliteit kan omgaan met de globalisering en de digitalisering van de economie. En ook met de maatschappelijke evoluties, zoals het stijgend aantal alleenstaanden en nieuw samengestelde gezinnen, heeft onze fiscaliteit het duidelijk moeilijk. Het wordt dan ook hoog tijd om de hogedrukreiniger boven te halen en grote fiscale kuis te houden.
 
Indien de maatschappelijke kritieken blijven aanhouden zou 2015 wel eens het jaar van de fiscale waarheid kunnen worden. Op internationaal vlak wordt de druk in ieder geval meer en meer opgevoerd. Recente initiatieven van de OESO en de EU hebben gezorgd voor een doorbraak op het vlak van de internationale automatische uitwisseling van bankgegevens. En onmiddellijk na Luxleaks werd er reeds een EU-voorstel gelanceerd om ook de fiscale rulings automatisch te gaan uitwisselen tussen de EU-lidstaten. En laat ons ook het BEPS-actieplan van de OESO niet vergeten dat tot doel heeft er voor te zorgen dat multinationals hun winsten niet vrijelijk kunnen laten afvloeien naar landen met een lager belastingregime en dat uiteindelijk tot een eerlijker belastingsysteem moet leiden. Om dit doel te bereiden focust het plan op de fiscale behandeling van de digitale economie, de bestrijding van schadelijke fiscale praktijken en van misbruik van verdragen. Verder zijn er regelingen voor interne verrekenprijzen voor immateriële activa als intellectueel eigendom en komt een rapportageverplichting voor bedrijven, om in ieder land waar ze actief zijn, te melden hoeveel belasting ze daar betalen.
 
En ook in eigen land zal de eis om de fiscaliteit ingrijpend te hervormen alsmaar luider klinken in 2015. De OESO, de EU en recent ook het IMF blijven België maar wijzen op de achilleshiel van onze fiscaliteit, met name de torenhoge belastingdruk op arbeid. Dat deze belastingdruk naar omlaag moet en moet worden verschoven, daar is iedereen het ondertussen eenduidig over eens. Maar het blijft voorlopig bij een constante vaststelling waar politici momenteel naar kijken als een koe naar een trein. Een politieke aha-erlebnis zit er voorlopig nog niet in. Maar daar zou in 2015 wel eens verandering in kunnen komen. Aangezien ook de vakbonden het sociaal overleg hebben gekoppeld aan de invoering van een vermogensrendementsbelasting wordt het stilaan duidelijk dat ook ons land zich op een fiscaal kantelpunt bevindt. Hoewel ongetwijfeld veel zal afhangen van de publieke druk, is het toch wel duidelijk dat de regering stappen in de richting van een tax shift zal moeten nemen, zoniet dreigt er nog meer sociale onrust.
 
Het is ondertussen voor iedereen duidelijk dat de wereld klaar is voor een fiscale omwenteling. Nog nooit waren de omstandigheden daarvoor zo gunstig als nu. Het momentum is onmiskenbaar daar en het is nu aan de politici om fiscale geschiedenis te schrijven. Ik hoop dan ook stellig dat fiscalisten in de toekomst over het jaar 2015 zullen spreken als over “voor en na Christus”. Dat zou pas een prestatie zijn. En Machiavelli zal content zijn.