Fiscaal expert Michel Maus legt uit: woonbonus wordt geschrapt voor eigen woning, maar blijft bestaan voor tweede woning

03/10/2019 | Fiscaal | Michel Maus
Door de afschaffing van de Vlaamse woonbonus wordt het soms voordeliger om te lenen voor een tweede verblijf, dan voor een eerste woning. Dat schrijft De Standaard. "Een absurde situatie", zegt fiscaal expert Michel Maus van de VUB, "door de bevoegdheidsverdeling tussen het federale niveau en de gewesten."

Er is al veel over gezegd en geschreven: de beslissing van de Vlaamse regering om de woonbonus vanaf 1 januari af te schaffen. Die woonbonus is een belastingvoordeel op uw woonlening. Doordat die wordt geschrapt, zal u dus meer belastingen betalen. De Vlaamse regering schrapt de woonbonus omdat die de prijzen deed stijgen. 




Het verlies wordt voor een stuk gecompenseerd door de verlaging van de registratierechten, de belasting die u één keer betaalt als u een woning koopt. Maar de maatregelen wegen op lange termijn niet tegen elkaar op.

Een alleenstaande verliest door de beslissing op 25 jaar tijd gemiddeld 17.000 euro, een koppel verliest in totaal bijna 37.000 euro. "Al is het wel beter om bij de aankoop van de woning, op het moment dat mensen hun centen goed kunnen gebruiken, een directe korting te geven", vindt fiscaal expert van de VUB Michel Maus. 

Tweede verblijfVoor een tweede verblijf blijft er wel een belastingvoordeel bestaan, een "federale woonbonus". Het gaat om maximaal "693 euro korting op de personenbelasting, die elk jaar terugkomt zolang de lening loopt", zegt Maus. Het maakt bovendien niet uit waar dat tweede verblijf ligt, als dat maar binnen de grenzen van België is. Voor alle tweede verblijven, van de kust tot de Ardennen, geldt die "federale woonbonus". 
 

Over lange termijn zijn leningen voor tweede verblijven en woningen om te verhuren dus fiscaal voordeliger
Michel Maus, fiscaal expert VUB"


Over lange termijn zijn leningen voor tweede verblijven en woningen om te verhuren dus fiscaal voordeliger", zegt Maus. "Al wordt dat wel gecompenseerd door de lokale belastingen voor tweede verblijven", klinkt het. Maar die geldt dan weer niet op woningen die u koopt om te verhuren, zogenoemde "opbrengsteigendommen", en enkel voor tweede verblijven. 

Wat is de logica achter het systeem? "Het heeft te maken met de zesde staatshervorming. Toen heeft de politiek beslist om huisvesting toe te kennen aan de gewesten. Dat betekent dat de gewesten ook alle fiscale gunstregimes moeten overnemen", legt Maus uit. De Vlaamse woonbonus is een van die gunstregimes. 
"Alleen heeft men huisvesting zo begrepen dat het alleen gaat over de eigen woning van de mensen. Tweede verblijven of woningen om te verhuren beschouwt men als pensioensopbouw. Daardoor blijft dat federaal, en blijft de woonbonus daar ook bestaan, maar alleen voor tweede verblijven en woningen om te verhuren." 

"Absurd"Maus noemt de situatie "absurd", omdat vooral mensen die het al breder hebben (en een tweede verblijf kunnen kopen) een voordeel krijgen. "Dat is de perverse vaststelling die we moeten doen", zegt de professor. "Ik denk dat we ons daar toch wat vragen over moeten stellen." 
Ik denk dat dit bij federale onderhandelingen zeker aan bod moet worden gebracht
Benjamin Dalle, Vlaams minister voor CD&VDe politiek is zich ook bewust van die "onlogische situatie", zegt Benjamin Dalle, die voor CD&V de zesde staatshervorming mee onderhandelde. "Wij bij CD&V hebben voorgesteld om te komen tot één belastingkorf met dat langetermijnsparen en pensioensparen erin geïntegreerd", zegt Dalle in "De ochtend" op Radio 1. "Ik denk dat dit bij federale onderhandelingen zeker aan bod moet worden gebracht."